Bij het aanschaffen van een genetische test is het belangrijk om te weten welke techniek wordt gebruikt om de genetische informatie te bestuderen, aangezien de verkregen resultaten afhankelijk van de techniek op verschillende manieren worden geïnterpreteerd.
De twee meest gebruikte technologieën zijn genotypering en sequentiebepaling. Elke techniek bestudeert het DNA op een andere manier en met verschillende hoeveelheden DNA. De verschillen tussen deze methoden verklaren de variaties in de prijzen van genetische analyses.
Genotypering bestaat uit het bestuderen van de genetische diversiteit door variaties in het genoom tussen individuen en populaties te analyseren. Het doel van genotypering in een genetische test is het vaststellen van de aanwezigheid van SNP's die gerelateerd zijn aan de vatbaarheid voor een bepaalde ziekte.
Aan de andere kant analyseert DNA-sequentiebepaling vrijwel het gehele DNA. Het bepalen van de volledige DNA-sequentie maakt het mogelijk om somatische mutaties die tussen verschillende organismen zijn ontstaan, in kaart te brengen.
Met andere woorden: het belangrijkste verschil tussen beide technieken is dat genotyperen het vaststellen van de aanwezigheid of afwezigheid van SNP's betekent, terwijl sequensen het base voor base uitlezen van de DNA-sequentie is. Dit verschil bepaalt de prijs, waarbij genotyperingstechnieken minder kostbaar zijn dan sequentiebepaling.
Bij tellmeGen bieden we beide technieken aan. Onze Starter- en Advanced-series maken gebruik van de genotyperingstechniek, terwijl de Ultra-serie wordt uitgevoerd met sequentiebepaling.
Raadpleeg voor meer informatie over genotypering en sequentiebepaling onze genetica-blog.
